Seniortornooien

Seniortornooien

1.1  Alle aangesloten clubs kunnen op het online inschrijvingsformulier van het nieuwe seizoen hun tornooi(en) kenbaar maken. Volgende tornooien kunnen georganiseerd worden: A-tornooien, B-tornooien, C-tornooien, D-tornooien, D4/C4-recreanten tornooien, veteranen en dubbel/mix. Als administratiekost wordt er een bedrag van € 100 aangerekend. Enkel officiële tornooien tellen mee voor de individuele ranking (zie VSF-tornooikalender). De VSF wenst de organisatie van een tornooi op een ander moment niet te verbieden, dit tornooi kan enkel onder de auspiciën van VSF als dit 1 maand op voorhand wordt aangevraagd. Alle deelnemers moeten lid zijn van de VSF of een erkende federatie. Indien een niet bij de VSF aangesloten speler wordt gepubliceerd op toernooi.nl voor een tornooi onder de auspiciën van de VSF, wordt hij automatisch aanzien als lid en zal er nadien € 12 in rekening gebracht worden bij de organiserende club.

1.2  Een club mag maximum 2 erkende tornooien aanvragen.

1.3  Elke tornooiorganisator maakt in tornooiplanner de categorieën heren en dames aan. Een dag na de closing date moet elke tornooiorganisator de TP-file van tornooiplanner naar het VSF-secretariaat sturen. Het VSF-secretariaat deelt de spelers in fields in. De tornooien worden georganiseerd volgens het tabellensysteem (fields) voor de categorieën vanaf B en lager waarvan de grootte van elke field wordt bepaald door het VSF-secretariaat. (Vb. 16/32/64 of 8/16/32,…). Voor elke field moet er een ‘plate’ worden georganiseerd en gespeeld. De categorie A speelt in een aparte draw. In één tabel mag er niet meer dan 4 klassementen bij de heren en 5 klassementen bij de vrouwen verschil zijn tussen de hoogst en de laagst geklasseerde speler. Een tornooifield voor A-spelers moet aangevuld worden met B1-spelers.

1.4 De tornooiorganisator moet het tornooi afwerken met de doorgestuurde fields. Indien aan deze voorwaarden niet voldaan wordt, worden er voor dit tornooi geen rankingpunten voor de deelnemers toegekend.

1.5  Clubs die tornooien organiseren moeten voorkomen dat oud-spelers met klassement inschrijven op VSF-tornooien voor de laagste field. Indien deze spelers niet op toernooi.nl terug te vinden zijn, kan men zich wenden tot het secretariaat op kim@vsf.be. Een speler die lid is geweest en een jaar stopt, moet daarna geassimileerd worden en hoeft dus niet op een gedaald klassement te starten indien de punten niet overeenstemmen met de reële sterkte. De commissie sport kan op ieder moment een speler assimileren indien nodig. Er volgt een sanctie voor de club indien achteraf blijkt dat sterke spelers niet geassimileerd zijn.

1.6  Voor elk officieel VSF-tornooi moet de club het programma “toernooiplanner” gebruiken. Zo kunnen de resultaten automatisch verwerkt worden voor de VSF ranking. De club krijgt hiervoor een licentie van VSF. Iedere club en iedere organisator die een tornooi onder de auspiciën van de VSF organiseert is verplicht om  één persoon af te vaardigen naar de opleiding van de tornooiplanner. Voor meer info zie commissie “kadervorming”.
De aangekochte softwareprogramma’s en de licenties van Visual Reality zijn eigendom van de Vlaamse Squashfederatie, ook al worden zij aan de clubs met VSF-tornooien ter beschikking gesteld. Deze programma’s worden aan de clubs ter beschikking gesteld en kunnen aldus door hen worden gebruikt (ook voor clubactivi­teiten), maar enkel de tornooien onder de auspiciën van de VSF en evenementen voor de toegetreden leden van de VSF mogen via toernooi.nl online worden gezet.

Indien een club die programma’s wenst te gebruiken en de inschrijvingen en de resultaten online wenst te zetten, moet zij ervoor zorgen dat iedereen die daarvan gebruik maakt voor de start van het evenement lid wordt van de federatie.

Voor de organisatoren van de tornooien zal € 50 voor de licentie worden aangerekend, uitgezonderd voor het organiseren van tornooien die behoren tot het juniorencircuit.

1.7  De spelers dragen de verantwoordelijkheid om zich in te lichten omtrent datum en uur van hun eerste wedstrijd van het tornooi. Enkel de organisator kan uur en dag van de wedstrijd wijzigen. Geschreven klachten van de organisator tegen spelers die zich niet aan dit artikel houden, worden door de disci­plinaire commissie behandeld.

1.8  Alle wedstrijden moeten gespeeld worden in het centrum waar het tornooi georganiseerd wordt en binnen het officiële tijdsverloop van het tornooi.

1.9  De organiserende club kan gestraft worden: (zie overtredingen en sancties)

  • de resultaten niet volgens de vereiste normen werden meegedeeld. ;
  • de resultaten niet binnen 3 dagen online staan via toernooi.nl;
  • inbreuk is gepleegd op de deelnemingsvoorwaarden ;

Indien een erkend tornooi niet wordt georganiseerd, om welke reden ook, krijgt de organiserende club een boete van € 139 en zal het volgende seizoen niet ipso facto worden erkend. Een erkend tornooi mag, eenmaal de tornooikalender is opgemaakt, enkel verplaatst worden mits toelating van commissie sport en 1 maand op voorhand. Deze lijst is niet volledig en sluit geen enkele andere gemotiveerde reden uit.

1.10  De behandeling van klachten gebeurt door de commissie sport en/of discipline. Bij ernstige overtredingen of bij hervallen in bestaande fouten kunnen clubs 1 jaar geschrapt worden van de officiële tornooilijst waardoor géén individuele rankingpunten kunnen worden toegekend. De vraag voor schrapping zal door de commissie sport/discipline voorgelegd worden aan de Raad van Bestuur die hierover uitsluitsel geeft.

1.11  Elke speler kan verplicht worden de volgende wedstrijd te leiden. De VSF heeft een standaardformulier dat ter beschikking wordt gesteld van de organisator. Indien een speler weigert te reffen wordt hij/zij gevraagd dat document te ondertekenen. Wordt het ondertekend, dan volgt er een schorsing van 2 weken. Wordt het niet ondertekend, dan vraagt de organisator een getuige in de omgeving om te bevestigen dat hij/zij geweigerd heeft te ondertekenen. Ook dan wordt er een schorsing van 2 weken uitgesproken. Deze twee weken worden door het secretariaat vastgelegd zodanig dat de schorsing in zinvolle weken plaats vindt. De speler en de club krijgen een brief over de schorsing.

1.12  Een speler die W.O. geeft bij het begin van een tornooi, kan nooit meer deelnemen aan het verdere verloop van het tornooi. Een speler ontvangt 20 punten wanneer hij/zij aan een tornooi deelneemt en het volledig afwerkt. Kwetsuren, ziekten of andere oorzaken worden niet aanvaard. De tornooiorganisator duidt aan welke spelers het tornooi niet hebben uitgespeeld.

1.13  Voor tabel 1 van de A-tornooien heeft de organisator de verant­woordelijkheid een hoofdscheidsrechter aan te duiden. De naam van de hoofdscheidsrechter wordt aan het secretariaat gemeld. De organisatoren van A-tornooien moeten vooral aan de spelers op voorhand duidelijk te kennen geven hoe de verdeling van het prijzengeld is geregeld. Dit kan gebeuren door een persoonlijk schrijven, vermelding op de affiche, op het moment van het aanmelden aan de wedstrijdtafel.

1.14  De officiële bal erkend door de federatie is Dunlop Pro.


2 Provinciale en Vlaamse kampioenschappen

2.1  Het inschrijvingsgeld voor de Vlaamse Kampioenschappen bedraagt € 12 en voor de provinciale kam­pioenschappen € 9. Voor beide kampioenschappen worden in alle reeksen de spelers geplaatst volgens de laatst gepubliceerde ranking. Een speler ontvangt 40 punten wanneer hij/zij deelneemt aan een provinciaal kampioenschap of een Vlaams Kampioenschap en het volledig afwerkt, dit in tegenstelling tot de Belgische kampioenschappen. Kwetsuren, ziekten of andere oorzaken worden niet aanvaard. De tornooiorganisator duidt aan welke spelers het tornooi niet hebben uitgespeeld.

2.2   Als er een reeks niet doorgaat op een Vlaams of provinciaal kampioenschap omwille van één inschrijving, dan krijgt de speler de titel en de prijs, maar geen inschrijvingspunten. Inschrijvingsgeld moet niet betaald worden. Indien je met twee in een reeks zit en de tegenstander geeft forfait dan worden er ook geen inschrijvingspunten toegekend, wel de punten voor een forfait. De reeksen mogen niet opgevuld worden. Iedere speler moet in zijn eigen reeks spelen. Dames mogen niet deelnemen bij de heren.

2.3  Jaarlijks zullen de provinciale comités een provinciaal kampioenschap houden in een door hen aangeduid centrum. Dit kampioenschap staat open voor alle VSF-leden met een Belgisch paspoort en voor de categorieën A, B, C, D, D4 + recreanten, veteranen. De spelers mogen kiezen waar ze het provinciaal kam­pioenschap spelen: ofwel in de provincie waar ze wonen, ofwel in de provincie van de club waarbij de speler aangesloten is. Een speler mag slechts aan één provinciaal kampioenschap deelnemen. De provinciale comi­tés doen extra inspanningen om spelers naar dit kampioenschap te loodsen. De einddag voor het provinciaal kampioenschap mag door de provincie vrij gekozen worden tussen zaterdag of zondag.

2.4  Het Vlaams kampioenschap wordt door de VSF georganiseerd die tevens het centrum aanduidt waar het kampioenschap zal worden gehouden. Dit kampioenschap staat open voor alle VSF-leden met een Belgisch paspoort en voor de categorieën A, B, C, D, D4/C4 + recreanten, veteranen. De provinciale comités zullen een extra inspanning leveren om hun kampioenen door te sturen naar de Vlaamse kampioenschappen.

Het Vlaams kampioenschap vindt plaats tijdens de maand november. Er wordt gespeeld vanaf maandag tot en met zondag. De halve finales worden op zaterdag gespeeld. De laatste finale wordt op zondag gespeeld om 15 uur. In de week van dit kampioenschap wordt geen interclubcompetitie gehouden. De seeding van de spelers voor het Vlaams kampioenschap gebeurt door de technisch-directeur.

Het comité ad hoc zal voor elke reeks reekshoofden 1 tot en met 4 aanduiden. Daarna worden de spelers in volgende groepen geplaatst: 5-6; 7-8; 9-12; 13-16; 17-20; 21-24; 25-28; 29-32; 33-40; 41-48; 49-56; 57-64. Eens de spelers in groepen zijn geplaatst, worden de onderliggende plaatsen (bv.: 13, 14, 15 en 16) door lottrek­king bepaald.

De spelers telefoneren naar de organiserende club om hun aanvangsuur te weten. Art. 1.14 geldt ook voor de provinciale en Vlaamse kampioenschappen.

De verliezers van de eerste wedstrijden spelen de plate, zodat we volle tabellen hebben in de plate.

Indien een speler te laat komt om zijn/haar wedstrijd te spelen, geldt volgend reglement:

Indien de speler voor het startuur van de wedstrijd geen seintje geeft is het forfait indien de speler na 15 minuten nog niet speelklaar is.
Indien de speler voor de wedstrijd belt met de melding dat hij te laat zal zijn, krijgt hij 30 minuten om op de baan te staan. Als hij 30 min na aanvangsuur niet op de baan staat, betekent dit een forfait.

De draw van de A-tabel moet hermaakt worden wanneer 1 van de top 4 zich 2 dagen voor aanvang van het tornooi en voor 17 uur voor deze draw uitschrijft.

 

3 Belgische kampioenschappen

Alle Belgische kampioenschappen zullen alternerend door de VSF en LFS worden georganiseerd. Voor meer info zie www.belgiansquash.be

Art. 1.14 geldt ook voor de Belgische kampioenschappen.


4 Reglementen

4.1 Een speler kan maar deelnemen aan een tornooi als hij rechtmatig lid is van de VSF of van de LFS, of van een andere federatie erkend door de ESF/WSF, behalve voor de provinciale en Vlaamse kampioenschap­pen, die enkel open staan voor VSF-leden met een Belgisch paspoort. Dames kunnen deelnemen aan tornooien voor heren als ze ook ingeschreven hebben in de damesfield.

Assimilatie dames – heren: zie Commissie Sport

Niet-leden mogen niet deelnemen aan de tornooien. Een club die wedstrijden doorgeeft zonder competitie­nummer krijgt € 12 boete per ontbrekend competitienummer.

4.2  Elke inschrijving moet de volgende gegevens bevatten:

  • naam en voornaam van de speler
  • de club waar de deelnemer is ingeschreven en zijn competitienummer
  • voor jeugd- en masterreeksen de geboortedatum
  • telefoon- of GSM-nummer en e-mailadres

4.3  Bij voorkeur wordt een inschrijving online gedaan via www.vsf.be. Spelers die zich telefonisch heb­ben ingeschreven, hebben geen recht op het indienen van klachten tegen de organisatoren bij eventuele fou­tieve inschrijvingen. Voor de tornooien van het Dunlopcircuit en de Vlaamse en Belgische kampioenschappen kan enkel ingeschreven worden via www.toernooi.nl.

4.4  De organisator moet een speler die geschorst is weigeren. Indien dit niet gebeurt, wordt de organi­serende club bestraft.

4.5  Dames die zwanger zijn, mogen aan geen enkele officiële competitie deelnemen.

4.6 Een speler moet zich een kwartier voor aanvang van zijn wedstrijd melden bij de tornooileider. Elke beslissing wordt door de tornooileider genomen. Nadat de tabellen zijn opgemaakt wordt bij forfait een W.O. toegekend met verlies van de wedstrijd tot gevolg, tenzij de speler 3 uren voor aanvang van zijn wedstrijd de tornooileider hiervan op de hoogte brengt én een doktersattest binnen de week na het tornooi aan het VSF-secretariaat bezorgt.

WO's moeten door de tornooiorganisator worden doorgegeven. Indien er geen attest binnen de week na verloop van het tornooi aan het secretariaat wordt bezorgd dan:

verliest de speler die WO gegeven heeft 100 punten
volgt er bij herhaling een schorsing van 2 speelweken (speler en club worden schriftelijk op de hoogte gebracht van de speelweken)

De tegenstrever krijgt 35 punten bij een WO. Dit geldt enkel voor de eerste wedstrijd in een uitspeelschema. Voor de WO’s van dezelfde speler in de verliezersronde worden er aan de tegenstander geen punten meer toegekend. Bij een WO in een poule krijgt niemand 35 punten.

Bij overtreding: zie disciplinaire maatregelen

Op een VK en BK kan eventueel rekening gehouden worden met desiderata van de speler enkel en alleen maar voor de 1ste wedstrijd.

4.7  De tornooileider of secretaris van de organiserende club moet elk onbehoorlijk gedrag van een spe­ler melden aan het secretariaat van de VSF. De tornooileider is verplicht om een verslag te schrijven van het tornooi. Dit moet gebeuren binnen zeven dagen na het einde van het tornooi via een gewone en ondertekende brief.

Als ongepast gedrag wordt beschouwd:

grove uitlatingen of handtastelijkheden t.o.v. de referee, de marker, het publiek, de wedstrijdleiding, de andere deelnemers.
abnormaal wegwerpen van de racket of bal.
zonder geldige reden forfait geven of te laat zijn voor de wedstrijd.

Bij elke klacht van de tornooileider moet hij de naam en competitienummer van de speler vermelden.

Elke klacht wordt door de disciplinaire commissie behandeld en zij zal tevens een sanctie uitspreken.

4.8  De procedure van het neerleggen van klachten en het in beroep gaan tegen de uitspraak is zoals beschreven is in het huishoudelijk reglement en hoofdstuk 13 van het tornooireglement alsook op p. 99 van deze agenda.

4.9  De bevoegde commissie zal zich bij haar uitspraak houden aan het document ‘overtredingen en sancties'.

4.10  De tornooiorganisator zorgt ervoor dat hij onmiddellijk over een volledige en goede verzorgingstas kan beschikken, mocht het gebruik ervan noodzakelijk blijken.

Voor het Medisch Verantwoord Sporten zie hoofdstuk 8 van het huishoudelijk reglement.

4.11  De bevoegde commissie beslist in alle gevallen die niet in dit reglement voorzien zijn.

4.12  Alle officiële VSF-wedstrijden worden gespeeld volgens Point-a-Rally tot 11.

4.13  Jongens en meisjes mogen maar deelnemen aan seniorentornooien en kampioenschappen vanaf de leeftijd van 12 jaar (leeftijd op dag dat tornooi start).

4.14  Indien een field of tabel in een poule (box) gespeeld wordt, geldt volgende puntentelling: de winnaar van de poule is diegene met de meeste gewonnen wedstrijden. Bij gelijke stand tellen achtereenvolgens de meeste gewonnen sets en de meeste gewonnen punten

4.15  Dames mogen op tornooien tegen heren spelen op voorwaarde dat ze bij de dames en de heren inschrijven en ook spelen (uitzondering: alle kampioenschappen). Indien een damesreeks niet doorgaat, mogen de dames tegen de heren spelen. Dames die in een tornooi in twee reeksen inschrijven moeten twee keer betalen. Een tweede lidkaart moet tevens betaald worden. De prijs van die tweede lidkaart bedraagt € 8.

LFS-spelers mogen steeds deelnemen aan VSF-tornooien en omgekeerd.